Volgens Franz Ruppert, een Duitse dokter psycholoog, is trauma een reactie van de psyche op een overweldigende situatie waarbij je psyche het gevoel heeft de situatie niet te overleven. De kwetsbaarheid van een kind voor trauma heeft vaak te maken met dat een kind ervaart dat als het bepaalt gedrag vertoont het het contact verliest met de ouder dit niet kan overleven.
Onze reacties op overweldigende situaties zijn voor een groot deel en vooral als we jong zijn, we voelen wel maar hebben geen denkvermogen. We reageren dan sneller dan wanneer er geen stress is. Dit komt doordat iedereen een mechanisme in zich heeft dat emotionele pijn wegdrukt als we in een overweldigende situatie zitten. Dit noemen we het overlevingsmechanisme. Dit gebeurt in milliseceonden en onbewust. Het mechanisme dient het lichaam om alles in het werk te stellen dat je overleeft. Het lichaam maakt zich klaar om te vechten, te vluchten of te bevriezen. Adrenaline wordt aangemaakt om je spierkracht meteen in te zetten. Niet alleen het lichaam reageert, ook de psyche. Denken is te traag om te overleven. Nadat er veel stress is ontstaan door een of meerdere situaties, is er een trigger die een psychische splitsing veroorzaakt. De triggers worden aangestuurd door het zenuwstelsel.
Volgens Franz Ruppert (2012, p78) ontstaan er dan drie verschillende persoon-
lijkheidstoestanden:
- gezonde persoonlijkheidsdelen
- getraumatiseerde persoonlijkheidsdelen
- trauma-overlevingsdelen
Helder denken en goede beslissingen nemen, doen we vanuit onze gezonde delen. Ons gedrag dat we laten zien bestaat vaak uit een combinatie van het gezonde deel en het overlevingsdeel. Het overlevingsdeel is zichtbaar als we spanning ervaren in de relatie met wie we op dat moment in contact zijn. Het overlevingsdeel houdt het traumadeel weg, omdat het niet weer de innerlijke pijn wil voelen. Het traumadeel is minder zichtbaar. Broughton (2018) schrijft in haar boek dat als je naar je eigen gedrag wilt kijken omdat je iets beter wilt doen, je jezelf kunt observeren vanuit het gezonde deel. Dit deel heeft vermogen tot zelfreflectie, het overlevingsdeel heeft dat niet.
Het leren kennen van je eigen drie persoonlijkheidsdelen helpt je bewust te worden hoe je reageert. Je kunt heldere keuzen maken wat je wel en niet wilt en hoe je deze voorleeft voor je kind.
Het gezonde deel.
Ruppert (2020, p25) schrijft over het gezonde deel: ‘Vanuit het perspectief van een volwassene heeft het gezonde deel de volgende kenmerken:
- Het heeft een eigen wil, een eigen beleving, eigen gevoelens, eigen gedachten en eigen herinneringen.
- Het kan eigen acties ondernemen.
- Het ervaart het eigen lichaam.
- Het kan relaties aangaan met zelfgekozen mensen, waarbij wederzijds tevreden interactie mogelijk is. Het kan ook uit een relatie stappen die niet meer als gezond voelt.’
Het gezonde deel vormt zich in de kindfase door interactie met relaties die een kind heeft met de belangrijkste opvoeders. Deze gezonde delen kunnen zich ontwikkelen als het kind zich in deze relaties niet hoeft aan te passen en af te splitsen om in contact te zijn met de ouders en belangrijkste opvoeders. Hoe de ouders hun eigen delen voorleven, heeft de meeste impact op een kind, meer dan opvoedregels. Lees meer in het boek op pagina 114-155.
Het overlevingsdeel
Je overlevingsdeel leren kennen helpt je om je hier meer bewust van te worden en dit minder in te zetten, waar het afstand creëert in een relatie. Bij sommige personen staat het overlevingsdeel op de voorgrond. Dat is een sterke aanwijzing dat je trauma je vermogen ondermijnt om in je gezonde deel te zijn. Het overlevingsdeel onderdrukt of negeert namelijk het getraumatiseerde deel. Bij mensen bij wie het overlevingsdeel op de voorgrond staat, wordt een groot deel van het gedrag bepaald door ontkenning, dingen mooier maken, controle houden, vermijden en iets groter of kleiner maken. Het overlevingsdeel deel van je persoonlijkheid is niet wie je werkelijk bent; zijn enige functie is om de trauma-ervaring uit je bewustzijn te weren. Daarnaast heeft het geen vermogen tot zelfreflectie, moraliteit en bewustzijn. Na een trauma blijft het overlevingsdeel strategieën ontwikkelen en verfijnen om zijn taak goed te vervullen. Overlevingsmechanismen kunnen voor een periode heel nuttig zijn, totdat je merkt dat deze je in de weg staan om iets te bereiken. Het herkennen van deze strategieën geeft je toegang tot het kunnen werken met je trauma. Gebruikte strategieën zijn ‘creatieve’ reacties op situaties die het trauma reactiveren:
- Je werkt (te) hard, ten koste van het eigen welbevinden en contact met dierbare personen.
- Je bent gericht op het verkrijgen van spullen, waardoor je aandacht krijgt.
- Je maakt je groter of kleiner ten opzichte van de ander, je ontkent dat je kwetsbaar voelt in het contact met de ander.
- Je redeneert vanuit je hoofd zonder het gevoel erbij te betrekken, er is geen contact met jezelf met de ander.
- Je streeft naar perfectie, ten koste van contact met een ander.
- Je bent super positief over een situatie; dit helpt je bij het vermijden te laten zien wat er er echt bij je leeft.
- Je richt je vooral op de ander, je geeft veel, je voorkomt dat de ander jou aandacht kan geven.
- Je hebt grote behoefte aan controle over een situatie.
- Je vermijdt relaties en intiem contact.
- Je manipuleert anderen om je zin te krijgen.
- Het lukt je niet of nauwelijks om gamen of een andere toepassing op het internet los te laten, om iets anders te doen wat nuttig voor je is.
- Je vermijdt conflicten of trekt ze juist aan.
- Je gaat op in fantasieën, zoals het volhouden dat je een zorgeloze jeugd hebt gehad en er niets aan de hand is.
- Je probeert voortdurend het je moeder of vader naar de zin te maken om hen te redden.
- Je geeft te veel geld uit aan dingen die je eigenlijk niet nodig hebt.
- Je doet sommige dingen buitensporig veel, zoals koffie drinken, sporten.
- Je slaapt veel als vorm van vermijding.’
Een kind kan ook het overlevingsmechanisme van een ouder of een vriend/vriendin nadoen door de wering van de spiegelneuronen.
Broughton (2018, p73-76) schrijft: ‘Je traumadeel leren kennen, helpt je om pijn te verwerken en je gezonde deel te versterken. Het gaat hierbij om emotionele pijn die soms voelt als een pijnlijke gedachte en soms alleen als een fysiek gevoel. Het kan ook beide zijn. Het is een ervaring van je psyche en je lichaam samen. Dat kunnen boosheid, verdriet of angst zijn. Deze gevoelens kunnen een lichamelijke ervaring geven, zoals het stampen met je benen van boosheid, buikpijn door angst of druk op je hart of keel door verdriet. Als we ons vrij voelen en uiting geven aan het gevoel op het moment, dan kunnen we het gevoel verwerken. Soms is de pijn zo intens dat deze alleen in kleine stapjes verwerkt kan worden. Of we hebben als kind geleerd dat we geen emoties mogen uiten en dat we ons in moeten houden. We maken zelf de keuze deze niet te uiten. Dan houden we de emotie vast en stoppen die weg in ons onderbewuste als onverwerkte emotionele pijn.’
Het Traumadeel
Het traumadeel heeft verschillende kenmerken:
- Het staat stil in de tijd. Het functioneert nog steeds op de (soms zeer jonge) leeftijd van de traumagebeurtenis. Trauma kan ook ontstaan in de preverbale of prenatale periode.
- Het lijkt erop dat er voor elke trauma-ervaring op verschillende leeftijden een ander traumadeel is.
- Het is een ongecontroleerde emotie.
- Je hebt vaak geen woorden voor deze emotie.
- Je voelt je kwetsbaar en hulpeloos.
- De emotionele expressie is gestopt en onvoltooid. Deze is bevroren voordat de uiting is voltooid.
- Het is voortdurend op zoek naar een mogelijkheid om de gezonde expressie of de ervaring alsnog te voltooien.
- Het is altijd op zoek naar een mogelijkheid om liefde te krijgen en geaccepteerd en geïntegreerd te worden.
Als je trauma aan de oppervlakte komt, gebeuren er verschillende dingen, waarvan het in actie komen van je overlevingsdeel het opvallendste is. Een overlevingsdeel dat druk bezig is, is de duidelijkste aanwijzing dat je trauma geactiveerd is. Er zijn echter enkele specifieke ervaringen en gevoelens die bij het traumadeel horen en het is nuttig deze gevoelens te begrijpen en te herkennen. Deze omvatten:
- Je hulpeloos en overweldigend voelen.
- Je kwetsbaar en onveilig voelen.
- Gemakkelijk huilen of agressief worden.
- In paniek raken.
Verzachten van het trauma kan plaatsvinden door te werken met de Intentiemethode. Hierdoor kan de traumapijn opnieuw aangekeken worden, het verzacht. Dan verzwakt het overlevingsdeel en komt er meer ruimte voor het gezonde deel. De cliënt kan helderder voelen en denken en heeft minder overlevings-energie nodig.